614

Via Belgica in Übach-Palenberg

Via Belgica

De Via Belgica moest een hoogteverschil van iets meer dan 20 meter overwinnen tussen het plateau en het dal van de Übach. Om de route als rechte lijn te kunnen behouden kozen de Romeinse ingenieurs voor een geschikte bouwkundige methode: ze overwonnen de helling door de weg als een schuine baan in een kunstmatige insnijding te leggen. Om het stijgingspercentage van het tracé binnen de perken te houden, begon de insnijding in het terrein geleidelijk ruim 130 meter voor de helling en was in totaal ongeveer 230 meter lang. Het stijgingspercentage van de weg moet tussen de 8,5 en 10 procent hebben bedragen. Dit blijkt uit de archeologische onderzoeken die hier zijn uitgevoerd.

De geofysische metingen langs de Via Belgica tonen aan dat de heerbaan nog steeds te vinden is onder het huidige zandpad. De duidelijk herkenbare greppels aan beide zijden van het pad wijzen erop dat de weg hier 25 meter breed was. Waar het zandpad vandaag een bocht maakt, liep de Romeinse weg in een rechte lijn verder en groef zich geleidelijk in het terrein in. Een profieldoorsnede van de weg, ongeveer 50 meter voor de rand van het terrein, toonde aan dat de insnijding hier al iets meer dan twee meter diep was. De breedte werd op het tracé van de insnijding gereduceerd tot iets minder dan drie meter.

Ongeveer 3.500 meter voor de insnijding in het terrein kwam bij opgravingen aan de zuidkant van de Via Belgica een Romeinse begraafplaats uit de tweede helft van de 1e of begin 2e eeuw na Christus aan het licht. Begrafenissen in de onmiddellijke nabijheid van een heerbaan en het markeren van de begraafplaats met een grafsteen of zelfs een representatief graf waren gebruikelijk en populair in de Romeinse tijd. Dit blijkt uit talloze voorbeelden uit het hele Romeinse Rijk.

Leuk om te weten

Eerste foto: Romeinse crematiebegrafenis. Foto: A. Thieme, ARCHAEOnet GbR, Bonn
Tweede foto: profiel van de weginsnijding. Bron afbeelding: R. Dortangs, LVR Bureau voor Archeologisch Erfgoedbeheer in het Rijnland
Derde foto: biografische schets. Grafiek: J. C. Fink, LVR Bureau voor Archeologisch Erfgoedbeheer in het Rijnland

Contact

Meer informatie over de hotspot