Slaaf zorgde voor de luxe van warm water in Romeins badhuis

Auteur: Gemma Jansen en Harry Lindelauf
Fotografie: Museum Valkhof, Nijmegen/ Inge Davis, Centre Céramique, Maastricht/Het Romeins Museum, Heerlen/ Monetario del Museo Arqueológico Nacional de Madrid/Bernard Dautzenberg, Museum Zitadelle Jülich

Maastricht had er een en Heerlen koestert straks de resten in een splinternieuw museum: een openbaar Romeins badhuis. Ook de Romeinse villa’s hadden een badhuis voor de eigenaren. Maar al die luxe kon niet zonder degene die voor de onmisbare warmte zorgde: de stoker.

 

De Romeinen veroverden de regio en bleven. Zij brachten een nieuw fenomeen: huizen van steen met hete lucht-verwarming en badhuizen met warm water.

De openbare badhuizen zoals die in Maastricht, Heerlen, Aken en Tongeren werden gebouwd, bestonden uit meerdere, geschakelde kamers. Er waren kamers met koude en warme baden.

Foto: Loden fiche van stoker met muts, vuurschep en bel (Monetario del Museo Arqueológico Nacional de Madrid, inv. no. 1867/7, foto Clive Stannard)

De Romeinen veroverden de regio en bleven. Zij brachten een nieuw fenomeen: huizen van steen met hete lucht-verwarming en badhuizen met warm water.

De openbare badhuizen zoals die in Maastricht, Heerlen, Aken en Tongeren werden gebouwd, bestonden uit meerdere, geschakelde kamers. Er waren kamers met koude en warme baden.

De warmte voor de vertrekken en voor het warme water kwam van een houtvuur in de stokersruimte. De vertrekken werden verwarmd met de rookgassen en hete lucht die onder de vloeren en door de muren van holle aardewerken blokken werden geleid. De warmte in de vertrekken was indirect en dat wordt ook nu nog als zeer aangenaam en weldadig ervaren.

Foto: Museum ‘Zitadelle’ Jülich, loden boiler bodem (foto Bernard Dautzenberg, toestemming Museum ‘Zitadelle’ Jülich)

Vernuftig systeem voor warm water

Om het warme water naar de baden te leiden, hadden de Romeinen in de stokersruimte (het praefurnium) een vernuftig systeem ontwikkeld met tal van onderdelen: een loden waterverdeelbak, een loden warmwaterketel, loden waterleidingen en bronzen kranen. Door de verdeelbak hoger te plaatsen dan de plek waar het water werd gebruikt, benutten de Romeinen heel slim de zwaartekracht om het water in hun badhuis te transporteren.

Foto: Heerlen, zijplaat van loden waterverdeelbak (foto Gemma Jansen, toestemming Het Romeins Museum, Heerlen)

Resten van een warmwatersysteem zijn zeldzaam

Bij het badhuis in Heerlen zijn fragmenten gevonden van dit warmwatersysteem. Maar bij de Romeinse villa in het Italiaanse Boscoreale aan de voet van de vulkaan Vesuvius is het complete systeem perfect bewaard gebleven. Dat is een uitzondering want op andere plaatsen zijn de onderdelen al in de Romeinse tijd meegenomen als het badhuis niet meer werd gebruikt. In het hele Romeinse rijk met zijn duizenden badgebouwen zijn slechts 16 (resten van) waterbakken gevonden en 9 (resten van) warmwaterketels. Dat er in Heerlen resten van een loden waterbak en in de buurt van Jülich (Duitsland) een loden bodem van een warmwaterketel zijn ontdekt, is daarom best bijzonder.

Foto: Boscoreale (Italië) rechts loden verdeel bakje, links de loden warmwaterketel en ertussen verbindende leidingen met kranen (foto Museum het Valkhof, Nijmegen 2008.)

De stoker, een slaaf

Hoe vernuftig ook, het systeem kon niet zonder stoker die voor het vuur zorgde. Terwijl in het badhuis werd gebaad werkte de stoker ver uit het zicht om die luxe mogelijk te maken. Deze stoker was een tot slaaf gemaakte. Van keizers en andere Romeinse elite weten we best veel maar van de stokers, onder aan de Romeinse maatschappelijke ladder, weten we doorgaans niets.

Er zijn een paar uitzonderingen: de stoker is meermaals afgebeeld op vloermozaïeken en op loden fiches. We zien een man die met ferme pas naar links of rechts loopt en die een zware vuurschep over zijn schouder draagt. Meestal is hij naakt en blootsvoets met alleen een muts op zijn hoofd, beschermende kleding is niet te zien. Zie daar de man die ook voor de stokersruimtes van Maastricht, Heerlen en de villa-baden van het Zuid-Limburgse heuvelland onmisbaar was.

foto: Bir-Shana Moghane (Tunesië), stoker met muts, vuurschep en pook

Uniek: vuurschep van Maastrichts badhuis

De stoker had allerlei gereedschap nodig om zijn werk te kunnen doen: een pook om het vuur op te porren, een bezem om de as weg te vegen en een korte ijzeren staaf waarmee hij de waterkranen open en dicht kon draaien. Maar vooral de vuurschep geldt als het waarmerk van de stoker. Dergelijke scheppen zijn zelden in badgebouwen opgegraven, maar wel in Romeinse keukens waar ook een vuur werd gestookt. Vier van dit soort scheppen zijn in Limburgse villa’s gevonden. Eén exemplaar lag bij het badgebouw van Maastricht. Goed te zien is de ring waarmee de schep kon worden opgehangen en de verhoogde randen bij het blad van de schep, om te voorkomen dat de as eraf viel.

Foto: Maastricht, badhuis Stokstraat, ijzeren vuurschep (foto: Inge Davis, Centre Céramique, Gemeente Maastricht)

De bel van het Heerlense badhuis

Bij het badhuis in Heerlen is een op het eerste oog verrassende vondst gedaan: een bronzen bel. Dankzij teksten uit de Romeinse tijd weten we waar die voor diende: de bel werd geluid als teken dat het badhuis klaar was voor gebruik. De Heerlense bel was tot op een afstand van 400 meter te horen.

In de teksten staat niet vermeld wie de bel luidde. Maar de afbeeldingen van de stoker laten zien dat hij dat deed. En dan begrijpen we meteen waarom de bronzen bel van Heerlen bij de deur van de stokersruimte is gevonden.

Foto: 1.    Heerlen, badhuis, Romeinse bronzen bel gevonden bij achterdeur van de stokersruimte inv.no. 08650 (foto Het Romeins museum, Heerlen)

Lees ook

Zonovergoten wijnen uit Voerendaal

Diefstal steenblokken zorgt voor ontdekking villa