Onderzoek Vlengendaal biedt inzicht en nieuwe puzzel
Auteur: James Dodd, Berber van der Meulen-van der Veen
Fotografie: Radboud Universiteit Nijmegen, Universiteit van Amsterdam
Het onderzoek in de Romeinse vallei van Bocholtz in 2025 en 2026 heeft nieuwe informatie opgeleverd maar ook nieuwe vragen.
De Romeinse vallei van Bocholtz is een hotspot waar archeologen al in 1911 en 1913 resten vonden van een villa rustica, een boerenbedrijf. Die villa kreeg de naam ‘Vlengendaal’ naar het gehucht in de nabijheid. Later zijn nog drie villa’s gevonden: Dellender, Orsbacherweg en Schiltjensweg. Dellender ligt op de grens met Duitsland en is aan beide zijden van de grens in 1992 deels opgegraven. De villa’s bij de Orsbacherweg en de Schiltjensweg zijn alleen bekend door de stukken dakpannen en kalksteen die met ploegen aan het daglicht komen.
Nieuw programma
In november 2025 en mei 2026 zijn de Radboud Universiteit Nijmegen en de Universiteit van Amsterdam begonnen aan een nieuw programma met veldonderzoek naar de Romeinse villa-landschappen van Zuid-Limburg. Hierbij werden veldkartering en geofysisch onderzoek gecombineerd. Bij deze laatste methode is een weerstandsmeter ingezet die dankzij elektromagnetische golven resten van gebouwen in de grond kan ‘zien’.
Foto: Veldkartering in actie: studenten lopen in rijen lopen en verzamelen Romeins materiaal.
Unieke resten
De veldkartering is in eerste instantie op de villa van Vlengendaal uitgevoerd. Daarbij is het terrein afgezocht naar Romeins materiaal aan de oppervlakte om een kaart van de vondsten in het landschap te kunnen maken. Dankzij de opgravingen in 1911 en 1913 is bekend dat er drie gebouwen waren, een hoofdgebouw en twee bijgebouwen. Ook is de villa beroemd om de resten van een mozaïekvloer die er toen gevonden is; een unicum voor Nederland. Maar het nieuwe onderzoek is vooral bedoeld om meer inzicht te krijgen in de geschiedenis van Vlengendaal: wat is er precies gebeurd waardoor het hoofdgebouw is verlaten? Ook willen de onderzoekers achterhalen of de bekende plattegrond van de villa compleet is, of dat er misschien nog onbekende gebouwen te ontdekken zijn.
Foto: ‘Oogst’ van de veldkartering: Een selectie van de 200 kilo Romeinse bouwmateriaal en aardewerk.
Aardewerk uit de regio
De veldkartering in november 2025 leverde de studenten niet alleen een eerste kennismaking met archeologie in Zuid-Limburg op. In de velden werd in totaal zo’n 200 kilo bouwmateriaal gevonden zoals natuursteen en dakpannen, aardewerk uit de regio en zelfs resten van amforen uit Spanje. Al dit materiaal is gesorteerd en wordt nu verder onderzocht. Wel is al duidelijk dat de vondsten dateren uit de periode tussen de eerste en eind derde eeuw. Naast bouwmateriaal zijn er ook 14 mozaïekstukjes gevonden die onderdeel waren van de vloer. De steentjes worden nu onderzocht om uit te zoeken waar ze vandaan komen.
Foto: Speciale vondsten van de veldkartering: aardewerk, een dakpan met de afdruk van een hondenpootje, tesserae van het mozaïek en ander bouwmateriaal.
Nieuwe vraag
Na de veldkartering, is de villa van Vlengendaal in mei 2026 opnieuw onderzocht, nu met een weerstandsmeter. Rekening houdend met de werkzaamheden van de boeren is een strook grond naast de resten van het hoofdgebouw onderzocht. Dat leverde aanwijzingen op voor nog niet eerder ontdekte structuren aan de voorkant van het hoofdgebouw, nog op het villaterrein.
Wat die structuren betekenen, is nu de nieuwe vraag. Mogelijk helpen de inzichten over Romeinse villa’s in Duitsland en de villa Voerendaal waar vóór het hoofdgebouw Jupiter-zuilen en tuinmuren zijn aangetroffen. Het antwoord moet komen van verder onderzoek naar deze andere Romeinse villa’s in Zuid-Limburg.
Foto: Resultaten van het weerstands-onderzoek: nieuwe gebouwen of muren?